Kennisbank Tarieven in de mondzorg: hoe de NZa-prijslijst werkt
Kosten & keuzeTarieven in de mondzorg: hoe de NZa-prijslijst werkt
"Waarom kost dezelfde kroon bij jullie meer dan bij de tandarts van mijn buurvrouw?" Die vraag krijgt elke baliemedewerker vroeg of laat. En het antwoord verrast de meeste patiënten: het honorarium voor de kroon is bij vrijwel elke tandarts in Nederland precies hetzelfde, want dat tarief ligt landelijk vast. Het verschil zit in de techniekkosten van het laboratorium — en dáár kunnen wij als praktijk uitleg over geven, mits we het zelf scherp op het netvlies hebben.
Tarieven in de mondzorg zijn een van de weinige onderwerpen waarover een patiënt zich écht zorgen maakt vóór hij op de stoel ligt. Goede, transparante uitleg voorkomt discussies achteraf, oninbare rekeningen en boze reviews. Zo brengen wij er structuur in.
Waarom je je tarieven grotendeels niet zelf bepaalt
De mondzorg valt onder gereguleerde tarieven. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) stelt voor de meeste tandheelkundige verrichtingen een maximumtarief vast: een bedrag waar je niet bovenuit mag gaan. Elke behandeling heeft een eigen prestatiecode — de bekende letters-met-cijfers zoals de C-, M-, V- en R-codes — en aan elke code hangt een tarief.
Belangrijk om te weten voor de gesprekken aan de balie:
- Je mag onder het maximumtarief gaan zitten, maar in de praktijk doen weinig praktijken dat, omdat de tarieven al krap berekend zijn ten opzichte van de werkelijke exploitatiekosten.
- Voor een deel van de verrichtingen gelden vrije tarieven in plaats van maximumtarieven — bij bepaalde orthodontie- en implantologieprestaties bijvoorbeeld. Daar mag je zelf je prijs bepalen, maar de informatieplicht richting de patiënt wordt dan juist zwaarder.
- De tarieven worden periodiek herzien. Werk dus nooit met een prijslijst zonder jaartal; een verouderde lijst betekent onder- of overfacturatie, en overfacturatie is een handhavingsrisico.
Dat de tarieven vastliggen, is voor de patiënt een geruststelling en voor ons een houvast. Maar het betekent ook dat je marge niet uit je uurtarief komt — die zit in efficiënte planning, een gezonde bezetting en scherp debiteurenbeheer.
De prijslijst is geen keuzemenu
Een misverstand dat we regelmatig tegenkomen: dat je als praktijk "een pakket" of "een all-in prijs" mag afspreken. Dat kan niet. Je declareert per verrichting, met de bijbehorende prestatiecode en het bijbehorende tarief. Een consult, een röntgenfoto en een vulling zijn drie aparte codes op de nota — het is juist deze opbouw die de rekening voor de patiënt controleerbaar maakt.
Techniek- en materiaalkosten: apart en openbaar
Hier ontstaat in de praktijk de meeste verwarring. Het NZa-tarief voor bijvoorbeeld een kroon dekt jóuw honorarium — de behandeling die je zelf uitvoert. De techniek- en materiaalkosten — het werk van het tandtechnisch laboratorium, de gebruikte materialen — komen daar apart bovenop.
Twee regels die wij hierbij strak hanteren:
- Techniekkosten reken je door tegen de werkelijke kosten. Je mag er geen opslag op zetten en er niet op verdienen; het is een doorbelasting van wat het lab jou in rekening brengt. Bewaar de laboratoriumnota's zodat dit altijd navolgbaar is.
- De patiënt heeft recht op inzage. Op verzoek — en bij hogere bedragen sowieso — laat je zien welk deel honorarium is en welk deel techniek. Op de nota worden die posten in de regel ook apart vermeld.
Dit is precies waarom "dezelfde" kroon per praktijk in totaalprijs kan verschillen: het honorarium is gelijk, maar het ene lab werkt duurder dan het andere, of er is gekozen voor een ander materiaal. Als je dat aan de balie rustig kunt uitleggen, verdwijnt het wantrouwen meestal meteen.
De begroting: vooraf duidelijkheid bij hogere bedragen
Niemand wil na de behandeling verrast worden door de rekening. Daarom hoort bij duurdere trajecten een begroting: een schriftelijk overzicht van de te verwachten verrichtingen, de bijbehorende codes en bedragen, en de geschatte techniekkosten.
In de regel geef je zo'n begroting bij behandelingen die boven een bepaald grensbedrag uitkomen. Het exacte bedrag en de precieze voorwaarden veranderen weleens, dus controleer het actuele grensbedrag bij de NZa en je beroepsvereniging in plaats van te varen op een cijfer uit je hoofd. Los van dat formele grensbedrag geldt bovendien de bredere informatieplicht uit de WGBO: je moet een patiënt begrijpelijk informeren over de behandeling én de kosten voordat hij toestemt. Een begroting bij twijfel is dus nooit verkeerd — ook niet als je onder het grensbedrag blijft.
Waar wij op letten bij een goede begroting:
- Zet het jaartal en een geldigheidsduur erop. Tarieven wijzigen; een begroting van vorig jaar klopt mogelijk niet meer.
- Splits honorarium en techniek. Zo ziet de patiënt meteen welk deel van de prijs buiten jouw invloed valt.
- Vermeld dat het een schatting is. Blijkt tijdens de behandeling een extra verrichting nodig, dan wordt de begroting bijgesteld — benoem dat je dat vooraf overlegt.
- Wijs op de eigen bijdrage en de dekking. Wat de verzekering vergoedt, hangt af van de polis. Wij zeggen altijd eerlijk dat de patiënt dit zelf bij zijn verzekeraar moet checken — je kunt het nooit sluitend garanderen.
Een heldere begroting is niet alleen netjes; het is je beste bescherming tegen onbetaalde rekeningen. Wie vooraf akkoord gaf op een bedrag, betaalt achteraf zonder morren. Dat scheelt een hoop werk in je debiteurenbeheer.
Transparantie naar de patiënt: van prijslijst tot nota
Openheid over prijzen is niet vrijblijvend en niet alleen een kwestie van fatsoen. De informatieplicht loopt van de eerste vraag aan de balie tot de nota die de patiënt thuis openmaakt.
Wat wij standaard zichtbaar maken
- Een actuele prijslijst met de meest voorkomende verrichtingen, opvraagbaar aan de balie en waar mogelijk online. Zet er het jaartal bij en de bron (de NZa-tariefbeschikking).
- Een begrijpelijke nota. De prestatiecodes zijn voor ons vak, niet voor de patiënt. Wij zorgen dat de nota leesbaar is: wat is gedaan, wat is honorarium, wat is techniek. Verzamelt een factoringpartij je nota's, controleer dan of hun lay-out dit ook duidelijk maakt.
- Ruimte om te vragen. Een patiënt die belt over zijn rekening moet iemand aan de lijn krijgen die de posten kan uitleggen — dat vraagt dat je hele team de opbouw van een nota begrijpt, niet alleen de tandarts.
Verwijs naar de bron
Wij zijn er niet vies van om een patiënt door te verwijzen. Wie wil weten of een tarief klopt, kan de codes en maximumtarieven zelf nazoeken bij de NZa. Dat ondermijnt je gezag niet — integendeel, het laat zien dat je niets te verbergen hebt. "Deze code en dit tarief kunt u terugvinden bij de Nederlandse Zorgautoriteit" is een zin die vertrouwen wekt.
Houd het intern kloppend
Transparantie naar buiten begint bij orde naar binnen. Een paar praktische afspraken die bij ons het verschil maken:
- Eén bron voor de prijslijst. Niet drie versies in drie mappen. Bij de jaarlijkse tariefwijziging updaten we op één plek, en die plek is leidend voor de balie, de begrotingen en het declaratiesysteem.
- Controleer je software na elke tariefronde. Declaratiesoftware werkt met tariefbestanden; die moeten na een herziening geactualiseerd zijn, anders declareer je automatisch het verkeerde bedrag. Dit is een van de sluipendste fouten in de mondzorg.
- Koppel begroting, behandeling en nota. Als de begroting, wat er daadwerkelijk is gedaan en wat er wordt gedeclareerd niet op één lijn liggen, krijg je vroeg of laat een discussie. Wij bewaken die samenhang in ons praktijksysteem, zodat een goedgekeurde begroting de basis is voor de uiteindelijke nota. Wil je zien hoe wij dat in MyDentApp hebben ondergebracht, kijk dan gerust op onze prijzenpagina.
Tot slot
De tarieven in de mondzorg voelen bij het eerste contact vaak als een black box, terwijl ze in werkelijkheid grotendeels openbaar en controleerbaar zijn. De NZa stelt de maximumtarieven vast, techniekkosten reken je apart en tegen kostprijs door, en bij hogere bedragen hoort een heldere begroting vooraf. Wie dat consequent en begrijpelijk uitlegt, heeft minder discussies, minder oninbare rekeningen en een patiënt die zich serieus genomen voelt. De actuele codes, tarieven en het grensbedrag voor de begroting vind je bij de NZa (nza.nl) en bij je beroepsvereniging — en juist omdat die periodiek wijzigen, loont het om je prijslijst en je software elk jaar even bij te werken.
Veelgestelde vragen
Mag ik zelf mijn tarieven bepalen?
Voor de meeste mondzorgbehandelingen niet. De NZa stelt maximumtarieven vast waar je niet bovenuit mag. Je mag er wel onder gaan zitten, en voor sommige verrichtingen — denk aan bepaalde orthodontie- en implantologiecodes — gelden vrije tarieven. Controleer per prestatiecode wat er geldt op de actuele NZa-tariefbeschikking.
Wat is het verschil tussen het honorarium en de techniek- en materiaalkosten?
Het honorarium is het door de NZa gemaximeerde tarief voor de verrichting zelf. Techniek- en materiaalkosten — bijvoorbeeld voor een kroon, brug of prothese van het tandtechnisch laboratorium — komen daar bovenop en worden apart en tegen de werkelijke kosten in rekening gebracht. De patiënt heeft recht op inzage in die kosten.
Wanneer ben ik verplicht een begroting te geven?
Bij hogere bedragen hoort de patiënt vooraf te weten waar hij aan toe is. In de regel geef je een schriftelijke begroting bij behandelingen boven een bepaald grensbedrag; controleer het actuele bedrag bij de NZa en je beroepsvereniging. Los daarvan volgt uit de WGBO dat je een patiënt altijd goed informeert, dus een begroting bij twijfel is nooit verkeerd.
Waar vind ik de actuele mondzorgtarieven?
De officiële, actuele tarieven staan in de tariefbeschikking en de prestatie- en tariefbeschikking mondzorg op de website van de NZa (nza.nl). Je beroepsvereniging (KNMT of ANT) publiceert daarnaast doorgaans praktische overzichten. Vertrouw nooit op een lijst zonder jaartal — de tarieven worden periodiek herzien.
Benieuwd hoe dit er in de praktijk uitziet?
MyDentApp is één app voor je hele tandartspraktijk — rooster, uren, HR, compliance en meer, naast je EPD. Bekijk rustig de prijzen (vanaf €109/mnd, alles inbegrepen) of laat je persoonlijk rondleiden.
Plan een persoonlijke demo